Tag: Travel

  • Medellín

    Medellín

    Lotte Boerrigter woont in de bruisende stad Meddelín, in Colombia. Speciaal voor de liefde (een blonde Nederlander) is Lotte geëmigreerd naar Zuid-Amerika. Met haar blonde haar is ze hier nog steeds een opvallende verschijning, maar ze voelt zich hier zeker thuis. Lotte woont in de hippe wijk El Poblado. Dè plek waar je in Meddelín absoluut wilt verblijven! En als je er toch bent, kun je meteen onderstaande tips even afvinken!

     


     

    • FAVORIETE RESTAURANT(S)?

    “De wijk El Poblado zit vol met leuke restaurants en elke keer als ik er rondloop zie ik wel weer een nieuw restaurant! Mijn favoriet is Botanica. Hier zit je letterlijk tussen de tropische planten en het eten is heerlijk. Ook het Peruaanse restaurant Rocoto is een aanrader, daar heb ik echt het allerlekkerste toetje ooit gehad. Als je een culinaire ervaring wilt dan moet je naar El Cielo; neem hier een 13-gangen menu met verschillende kleine gerechtjes geïnspireerd op de Colombiaanse keuken. Het is een hele beleving, zo bijzonder!”

    • FAVORIETE ONTBIJTTENT?

    “Al Alma in El Poblado! Vaak gaan we op zondag hier ontbijten, nadat we wat kilometers hebben hardgelopen tijdens de ciclovía. Je krijgt hier lekkere sapjes, zelf gebrande koffie en goed eten. Ik ga meestal voor de zoete ontbijtjes en bestel altijd wentelteefjes; French toast met aardbeien en banaan. Maar ook de egg benedicts zijn hier heel goed!”

    • FAVORIETE UITGAANSPLEK?

    “In El Poblado en Parque Lleras is het overal gezellig! Hier liggen zó veel verschillende barretjes en uitgaansplekken. Ik vind het altijd het leukst om de avond te starten bij Chupitos met een shotje en dansjes op reggeaton muziek. Ook Vintrash en Bolivar zijn leuk.”

    • FAVORIETE WIJK?

    “El Poblado is toch wel echt mijn favoriete wijk, misschien komt dat ook omdat ik er woon. Maar het zit vol met leuke en hippe restaurants, bars en leuke boetiekjes. Het voelt voor mij altijd als één groot park met allerlei tropische planten in deze wijk.”

    • FAVORIETE PLEK OM TE CHILLEN?

    “Café Velvet en Pergamino. Voor mij is koffie echt een ontspanning en ultiem genieten. Ik vind het heerlijk (en gezellig) om de dag te beginnen óf af te sluiten met een super lekkere kop koffie, cappuccino of chemex bij een van deze koffietentjes. Beiden serveren koffie van Colombiaanse bodem en hebben een leuke plek om te zitten!”

    • MUST SEE?

    “Comuna 13. Dit is een wijk die vijf à zes jaar geleden nog een van de gevaarlijkste wijken van het continent was. Maar Comuna 13 is nu veilig om te bezoeken. Mits je weet waar je loopt, want bepaalde wijken van deze barrio (het bestaat in totaal uit achttien wijken), worden nog steeds beheerd door gevaarlijke gangs. Dus zorg dat je vooraf weet waar je moet lopen (vlakbij de roltrappen) of ga met een gids op pad. Comuna 13 zit vol met gave graffiti/street-art, het heeft een prachtig uitzicht over de rest van de stad en het geeft je de kans om een kijkje te nemen in het echte leven van veel Colombianen.”

    • MUST DO?

    “Free Walking Tour Medellín én Paragliden van de bergen van Medellín, met een geweldig overzicht over de stad. De Free Walking Tour heeft zelfs de titel ‘één van de beste tours van het continent’, iedereen komt er enthousiast van terug. De stad heeft dan ook een ‘rijke’ en interessante geschiedenis. Daarnaast vind ik het leuk om ‘downtown’ te gaan. Tijdens de Free Walking Tour ga je namelijk het rauwe centrum in, om even de bubbel van het rijke, hippe en mooie El Poblado te verlaten.”

    • BEST BEWAARDE GEHEIM?

    “Hiken in en rondom Medellín! Hier is namelijk een prachtige natuur met veel bergen, waardoor het fantastisch is om te hiken. Mijn favoriet is de hike bij de rivier, waarbij je dwars door de jungle langs een rivier hiked en eindigt bij een ijskoude waterval. Tip: zorg dus wel dat het lekker weer is als je gaat. Als je hier met een taxi of uber naartoe gaat, zeg dan tegen de chauffeur dat je naar Arenal wilt, een rivier bij de plaats Envigado aan de zuidkant van Medellín, dichtbij La Catedral.”

    • WANNEER VOEL JE JE EEN ECHTE LOCAL?

    “Ik voel me een local als ik op m’n scooter rondscheur door het drukke verkeer in de stad. Links en rechts auto’s in halen en lekker gassen! Maar verder eigenlijk nooit, met mijn blonde haar. Ook spreek ik helaas nog geen vloeiend Spaans, dus ik ben overduidelijk geen local en zo word ik eigenlijk (nog) niet gezien of behandeld.”

  • Andalusië

    Andalusië

    “Let’s get Spanish”

    Andalucia, oftewel de Zuid-Spaanse regio, is de perfecte plek om een mooie rondreis te maken. Ik ben gek op Zuid-Europese steden met smalle straatjes en idyllische pleintjes. Mijn hele vakantie in Andalusië beleefde ik dan ook alsof ik rondliep op een grote ansichtkaart. Het ene dorpje is nog mooier dan het andere dorpje. Samen met Floris heb ik hier ruim tien dagen rondgereisd! Ook het rondrijden door deze regio was een van de hoogtepunten. Het is een prachtig decor van wijn- en bloemvelden met daarachter de besneeuwde bergtoppen van de Sierra Nevada. En dat in de zomer! Uiteraard kun je ook vanuit één plek verschillende uitstapjes maken, maar je vakantie wordt pas echt onvergetelijk als je voor iedere bestemming ruim de tijd neemt. Wij zijn begonnen in het binnenland en geëindigd aan de kust. Zie hieronder onze bestemmingen!
    TIP: Wij hebben er een volledige tour de España van gemaakt door onze vakantie af te sluiten op een Spaans eiland. Vanuit Malaga zijn we voor slechts twintig euro naar Las Palmas, Gran Canaria gevlogen. Omdat dit een binnenlandse vlucht is, betaal je een stuk minder geld dan als je vanuit Nederland naar de Canarische Eilanden zou vliegen.

    SEVILLA

    Vanuit Amsterdam zijn we naar Sevilla gevlogen en op de aeropuerto hebben we meteen onze auto opgehaald. Sevilla wordt vaak de allermooiste stad van Spanje genoemd en daar ben ik het helemaal mee eens! Wist je dat Sevilla ook het grootste historische centrum van Europa heeft? We zijn drie dagen in dit ‘open lucht museum’ verbleven. Prachtige stadswandelingen gemaakt, heerlijk gegeten en tinto de verano’s gedronken! Dit is een koude rode wijn, dat vooral in de hete zomers een populair drankje in Zuid-Spanje is. Ook is deze stad dè plek waar je een flamencobar kunt bezoeken en de dans natuurlijk kunt leren. Maar je kunt natuurlijk ook in de vele tablaos flamenco een speciale show bezoeken. Lo Nuestro is een aanrader. Rond de kathedraal en de oude wijk Santa Cruz barst het van de gezellige tapasbarretjes. Maar als je écht lekker wilt eten dan MOET je naar Eslava. OMG! Heerlijk eten! Voordat je een tafeltje hebt weten te bemachtigen kun je gezellig borrelen op straat, pal voor de ingang. Ook de hippe tapasbar La Chunga is een aanrader, net zoals het Spaanse restaurant El Rinconcillo.
    TIP: Omdat Sevilla niet aan de kust ligt kan het hier in de maanden juli en augustus ontzettend heet zijn. Mits je met 40 graden in een stad op je best bent, zou ik je vakantie om de hete zomermaanden heen plannen. Wij waren hier in juni en ook toen liep de temperatuur al op naar ruim 35 graden. Een aanrader is om een hotel of appartement met een zwembad te boeken, deze liggen meestal net buiten het oude stadscentrum. Zo gingen wij steeds ’s ochtends en ’s avonds op pad, zodat we de hele middag aan het zwembad konden chillen.
     
    RONDA

    Via Ronda zijn wij naar onze kustbestemming gereden. Wat was ik blij dat we in Ronda niet overnacht hebben! Het is een prachtige stad die door een kloof van tientallen meters in tweeën wordt gedeeld; de Ciudad Vella (het oude centrum) en de Mercado (de markt). Op sommige punten is de kloof zelfs meer dan honderd meter diep. Maar wat mij vooral op viel is dat het één grote toeristische attractie is. Als je je een weg baant door de groepen massa toeristen mèt selfiestick kun je genieten van de verschillende mooie uitzichten. Maar met dank aan de touringcarbussen zijn ook alle cafés en restaurants op de toeristen gericht en dus weinig authentiek Spaans. Slenter over de mooie bruggen en bezoek Plaza de Toros, de oudst nog bestaande stierenvechtersarena van Spanje. Je hebt Ronda binnen een dagje wel gezien.

    FRIGLIANA
    Frigli wat? Frigliana! Gooi het maar eens door Google en je vergeet het nooit meer. Want als er een dorp fotogeniek is, dan is het wel Frigliana! Het heeft zelfs meerdere keren de titel mooiste dorpje van Spanje opgespeld gekregen. Het kleine oude centrum bestaat uit wit geschilderde huisjes en ligt op een heuvel, wat zorgt voor veel klimwerk maar ook voor een adembenemend uitzicht. Frigliana telt nog geen 3000 inwoners en heel weinig hotels. Wel zijn er een aantal gezellige restaurants (met mooi uitzicht!), een bakkertje, een buurtcafé, een klein supermarktje en verschillende boetiekjes. Wij hebben in dit prachtige dorpje ruim een week gezeten en ik ben zelden op een plek zó tot rust gekomen. Frigli ligt vlakbij de kust, binnen een kwartiertje rijden sta je op een van de mooiste baaitjes van de Costa del Sol.
    TIP: Playa Alberquillas, Las Calas del Pino en Playa El Cañuelo zijn verschillende stranden in de buurt en zijn zeker een bezoekje waard.
    TIP 2: De oostelijke Costa del Sol heeft veel charmante baaien en wilde kliffen met een rijke zeebodem; het is dan ook een fantastische locatie om te gaan duiken.
     
     
    NERJA
    Binnen slechts tien minuten rijden vanuit Frigliana sta je middenin Nerja. Dit is een populaire badplaats aan de Costa del Sol. Hoewel veel kustplaatsen in Spanje volledig zijn platgebouwd, heeft Nerja daarentegen gelukkig haar charmes behouden. De smalle straatjes en pleinen van dit oude vissersdorpje zijn in de zomer levendig met volle terrassen en gezellige (souvenir)winkeltjes. Ook heeft Nerja twee mooi baaitjes waar het heerlijk vertoeven is.
    TIP: Niet te missen is het bekende Balkon van Europa. Vanuit het oude centrum loop je richting de kust zo tegen deze hotspot aan. Het is een prachtig uitkijkpunt op de Middellandse Zee dat wordt omsloten door de twee beschutte stranden.
     
    GRANADA
    In ruim een uur rijden vanaf bovenstaande kustplaatsen ben je in de historische stad Granada. Wij zijn hier een hele dag geweest, maar ik was aangenaam verrast door het rauwe karakter van de binnenstad. Ik was hier graag nog iets langer gebleven! Granada staat vooral bekend om het Alhambra. Dit middeleeuwse paleis staat op de werelderfgoedlijst van UNESCO en trekt dan ook ruim 2,5 miljoen bezoekers per jaar. Vergeet dus niet een kaartje te reserveren, anders gaat dit bezoekje – net zoals bij ons – aan je neus voorbij. Maar ook dat is geen ramp, want vanuit Mirador de San Nicolas heb je onder het genot van een lekkere cerveza een prachtig uitzicht op het Alhambra. Wat ik persoonlijk nog gaver vond aan Granada is de oude Arabische wijk Albaicín. Zuid-Spanje ligt natuurlijk niet ver van Marokko af, dus deze kleurrijke invloeden zijn letterlijk overgewaaid. Deze wijk is absoluut een bezoekje waard! (Als je net zoals ik dol bent op leren tasjes en jasjes, dan is dit al helemaal een walhalla!) Om in deze wijk rond te slenteren moet je eerst door de poort van Elvira. Leuk feitje! Deze fotogenieke poort stamt uit de elfde eeuw en is daarmee een van de oudste  overblijfselen van het oude Granada.

    MALAGA
    Deze stad is dus mijn guilty pleasure! Malaga is stiekem mijn favoriete stad van héél Spanje. Van Europa, durf ik zelfs te roepen! Waarschijnlijk is niet iedereen het hier mee eens, omdat ook deze stad inmiddels een toeristische trekpleister is geworden. Wat helaas resulteert in irritante roepende obers en proppers in het oude stadscentrum. Maar hier moet je gewoon doorheen kijken en dan wil je hier net zoals ik gewoon ieder jaar weer naartoe! Met verschillende vriendinnen ben ik hier al vaker op citytrp geweest. Naast de mooie binnenstad (echt iedere straat en ieder pleintje is hier fotogeniek!), heeft Malaga ook een lang en breed stadsstrand (Malagueta). Alles is op loopafstand. Ideaal! En met het bruisende uitgaansleven (je rolt hier zonder dat je het door hebt om 7 uur ’s ochtends de kroeg uit; je bent gewaarschuwd), is het heerlijk uitbrakken op het strand. Maar aangezien het nachtleven in Spanje pas rond 2 uur ’s nachts van start gaan heb je eerst nog de hele avond de tijd om heerlijk tapas te eten in een van de vele tentjes. Aanraders zijn Pepa y Pepe, Quitapenas en het populaire El Pimpi. Floris en ik zijn onze vakantie geëindigd in Malaga en hebben hier op de dag van vertrek gezellig doorheen gewandeld en ’s avonds, vlak voor vertrek, onze huurauto weer ingeleverd op het vliegveld. Vanuit Malaga zijn we dus naar Las Palmas gevlogen, om onze Spaanse rondreis af te sluiten op een Spaans eiland. Na vijf dagen op Gran Canaria te hebben genoten, zijn we vanuit hier weer terug naar Amsterdam gevlogen.
    TIP: Huur een fiets in Malaga en ga lunchen bij El Tintero. Dit is een gezellig restaurant aan de kust met verse vis. De obers lopen hier met grote borden rond en roepen de bestellingen alsof ze op de markt staan. Klinkt gek, maar is dus super gezellig! Vanuit Malaga fiets je naar links (als je met de rug naar de stad staat), helemaal de boulevard af en dan kom je vanzelf bij dit visrestaurant uit.