Tag: op reis

  • Kenia

    Kenia

    Stop met zoeken! Kenia is de perfecte bestemming voor een avontuurlijke vakantie (safari!) waarbij je zelfs kunt slapen tussen de wilde dieren in een van de nationale parken én genieten van een zonvakantie aan een tropisch strand. Want vergeet de Malediven; de stranden zijn hier zó wit dat het pijn doet aan je ogen ;-)!

    Na twee keer in Zuid-Afrika te zijn geweest (love Kaapstad!), was het nu tijd voor het echte Afrika. En ik snap meteen waarom ze Zuid-Afrika dus ‘Afrika voor beginners’ noemen, want in Kenia heb ik voor mijn gevoel meer het échte Afrika gezien. De natuur is veel uitgestrekter en ongerepter, de kleuren zijn nóg mooier, de dorpjes toegankelijker en de mensen onwijs hartelijk.

    Floris en ik hebben begin februari 2,5 week door Kenia gereisd. Het was qua weer de perfecte reistijd; we hebben bijna geen regen gezien. (Aan de kust wil je eigenlijk alleen de maanden april en mei skippen ivm de meeste kans op regen. En de beste maanden om het bekende Masai Mara National Park te bezoeken zijn juli en augustus, dan vindt de grote wildtrek met miljoenen dieren vanuit het Serengeti Park in Tanzania plaats.) Hieronder deel ik de leukste plekken waar wij zijn geweest én de ideale reisroute door Kenia! Deze is iets anders dan onze trip; maar zo zou ik ‘m doen als ik nog een keer terugga. Wat ik absoluut niet uitsluit…..

    De ideale reisroute door Kenia:

    Reisroute optie 1:

    Nairobi -> Massai Mara -> Watamu -> Lamu Island -> Nairobi
    Van Nairobi met de auto naar Massai Mara (aantal dagen safari en overnachten in het park) en terugrijden naar Nairobi. Vanaf Nairobi naar Malindi vliegen. Vanaf Malindi met de auto of taxi naar de twee kustplaatsen: Watamu en Lamu Island. En vervolgens weer vanaf Malinda naar Nairobi terugvliegen.

    Reisroute optie 2:

    Nairobi -> Massai Mara -> Amboseli OF Tsavo National Park -> Watamu -> Lamu Island -> Nairobi
    Van Nairobi met de auto naar Massai Mara (aantal dagen safari en overnachten in het park) en dan terugrijden naar Nairobi. Dan vanaf Nairobi met de trein naar Amboseli OF Tsavo National Park (aantal dagen safari en overnachten in het park). Vanaf daar door met de trein naar Mombassa. Vanaf Mombassa auto/taxi naar Watamu en vervolgens eindigen op Lamu Island. Vanaf Malindi weer terugvliegen naar Nairobi.

    Tips voor de leukste plekken in Kenia:

    Hieronder heb ik onze Kenia-reis uitgetikt met wat tips; maar ik zou dus een van de twee reisroutes hier boven doen 😉 Omdat je anders erg veel aan het reizen bent, zou ik één of twee safariparken combineren met de twee kustplaatsen Watamu en Lamu Island (de andere kustplaatsen liggen nogal uit de route).

    Wij hebben trouwens alle afstanden aan de kust met de Uber of Bold taxi gedaan; dat ging super gemakkelijk met de app en is niet heel duur. Voor een taxirit van maar liefst 2,5 uur betaal je bijvoorbeeld 50 euro.

    Treinreis Nairobi – Mombasa

    Vanuit Amsterdam zijn wij naar Nairobi gevlogen en hier hebben we de eerste nacht doorgebracht. De volgende ochtend zijn we in de trein naar Tsavo National Park gesprongen. Er gaat vanaf Nairobi een trein naar Mombasa, die echt prima te doen is! Deze treinrit duurt ongeveer 4,5 uur en rijdt langs twee safariparken: Nairobi National Park & Tsavo East- en Tsavo West National Park. Met een beetje geluk kun je dus meteen al wat wilde dieren spotten. Voor nog geen 10 euro koop je een eersteklas ticket! Kom trouwens wel ruim op tijd (uurtje vantevoren) naar het station, want de inhoud van je tassen wordt goed bekeken en de trein – anders dan in Nederland 😉 – rijdt hier stipt op tijd! Deze treinroute is trouwens aangelegd door Chinezen en China-expert Ruben Terlou heeft hier voor de NPO een aflevering over gemaakt; leuk om te kijken voor je trip!

    Wij zijn halverwege deze treinrit uitgestapt in Mtito Andei om naar Tsavo National Park te gaan. In Tsavo verbleven wij in Severin Safari Camp. Zeker een aanrader en Tsavo heeft écht prachtige natuur, maar door de droogte van afgelopen jaren zijn er wat minder dieren te spotten. Wij hebben helaas niet de Big Five gezien. En je moet dus goed zoeken tijdens de safari!

    Severin Safari Camp
    Severin Safari Camp
    Tsavo National Park
    Tsavo National Park
    Safari in Tsavo National Park
    Op safari in Tsavo National Park

    Na tsavo hebben wij weer de trein gepakt vanaf station Mttito andei naar Mombasa, daar werden we opgepikt door ons hotel in Diani Beach. Doordat er nog geen brug is naar Diani kun je pech hebben met de wachttijd op de ferry. Op de heenweg hadden wij geluk, maar op de terugweg moesten we zeker een uur wachten om met de taxi de ferry op te gaan. Erg druk en enorme chaos, je kijkt je ogen uit bij de ferry! Helaas hadden wij geen tijd om Mombasa te bezoeken, leek me gaaf om daar met een gids een middag doorheen te lopen en een van de grote markten te bezoeken.

    Diani Beach: Prachtig wit uitgestrekt strand en een mooie zee, vrij toeristisch maar niet vervelend. Wij verbleven in Kenyaways B&B; niet echt een standaard hotel, de kamer was vrij basic maar wel direct aan zee. Wat ik daar zeker zou aanraden is de allerleukste en lekkerste eettent van Diani: Salty Squid; leuk voor zowel ontbijt, lunch als avondeten en het ligt pal aan het strand! Een stuk verderop (leuke wandeling) zit ook een mooie strandtent waar je overdag goed kunt chillen en lekker kunt lunchen: Pallet Café. Wij hebben in Diani Beach vooral veel gerelaxed aan het strand, ik heb kiteles genomen en Floris heeft iedere dag gekite. Maar je kunt ook veel leuke dagtrips maken naar mooie eilanden in de buurt, dolfijnen spotten, snorkelen tussen de schildpadden etc.

    Pallet Café in Diani Beach
    Diani Beach
    Salty Squid restaurant in Diani Beach

    Vanuit Diani Beach zijn wij met de uber naar Kilifi gereden, dat ligt tussen de kustplaatsen Diani Beach en Watamu. Kilifi is een surfdorpje, maar hier is echt bijna niets te beleven. Het was heel rustig toen wij er waren. Iedereen komt om te kiten of te zeilen. Salty Kite Village; is een leuke plek waar het gezellig druk is, maar als je niet gaat kitesurfen zou ik dit dorp niet aanraden. We waren ook maar 3 dagen in Kilifi en zijn vanuit daar naar Watamu gereden.

    Watamu is mijn favoriete plek!! Het is vanaf Diani Beach een kleine 4 uur met de auto naar Watamu en vanuit Mombasa is het maar 2,5 uur. Watamu wordt ook wel Little Italy genoemd: er komen namelijk veel Italiaanse toeristen én veel Kenianen spreken er zelfs Italiaans. Je kunt overal dus ook ontzettend lekkere pizza’s en pasta’s eten! Wij verbleven in Palm Garden Boutique Hotel en hier zou ik zo weer naartoe gaan! Echt mooie ruime kamers die stijlvol zijn ingericht en het is best kleinschalig waardoor er niet de sfeer van zo’n groot resort hangt. Het heeft ook een mooi zwembad met lekkere ligbedden! Ook kun je er heerlijk lunchen en dineren; ’s avonds wordt het zwembad tot een soort filmset omgebouwd, zo mooi. (De pasta met kreeft sowieso bestellen 😉.. heel lekker en een stuk goedkoper dan in NL!) Dit hotel ligt trouwens niet aan het strand, maar met de TukTuk, auto of motor ben je er in een paar minuten. Je hebt verschillende stranden in Watamu: Het kitestrand Garoda Beach ligt het meest dichtbij dit hotel en als het niet te hard waait kun je hier op een van de bedjes liggen. Andere favoriet is Papa Remo (kun je ook lekker eten!) en het strand heeft onwijs mooi wit zand en helder water. De allermooiste sunset spot om te borrelen is Lichthaus (een geweldige sfeer!), de sunset bekijken bij restaurant Pilipan is ook een aanrader. Net zoals: pizza’s bij Sunset Beach Watamu, eten bij Rock and Sea en rondom de winkelstraat in het centrum liggen ook nog wat tentjes en leuke winkelkraampjes. Bij The Threehouse kun je met een geweldig uitzicht yoga doen. Hier hebben we ook een onwijs leuke kanotour geboekt, dan ga je door de mangroves kanoën en bij sunset krijg je een romantische picknick. (Dit vond ik de leukste excursie!) Ook zijn we vanuit Watamu met de motor naar Jacaranda Bay gereden (klein half uurtje rijden): daar liggen een aantal hippe strandtenten met bedjes, leuk om een keer te bezoeken.

    Palm Garden Boutique Hotel in Watamu
    Strand bij Papa Remo
    Lichthaus in Watamu
    Lichthaus in Watamu
    Kitesurfen bij Garoda Beach
    Centrum winkelstraat van Watamu
    Kayaktour door de mangroves van Watamu

    Vanaf Watamu zijn wij vervolgens met de Uber naar het vliegveld van Malindi gereden (klein uurtje) en vanaf daar terug naar Nairobi gevlogen. Laatste avond in Nairobi doorgebracht en volgende dag naar huis gevlogen.

  • Isla Holbox

    Isla Holbox

    BIENVENIDO EN EL PARAÌSO!

    Mijn reis door Mexico ben ik begonnen én geëindigd op Isla Holbox. En oh ja, tussendoor ben ik er ook nog teruggeweest. Kortom; in totaal heb ik uiteindelijk bijna 6 weken op Holbox gezeten. Oftewel; ik ben verliefd geworden op dit paradijs op aarde! Holbox is in mijn ogen de perfecte vakantiebestemming! Het is een prachtig eiland met een onwijs chille sfeer, hartstikke veilig en enkel lieve mensen. Mooie stranden, heerlijke restaurants en altijd en overal (live) muziek.

    Holbox is de ideale plek om je reis door Mexico te beginnen, je komt hier meteen tot rust. Maar met het gevaar dat je hier – net zoals ik – niet meer weggaat en dat de rest van de kustplaatsen er niet meer aan kunnen tippen. Ik heb je gewaarschuwd ;-). Of je eindigt je vakantie juist in tropische sferen. Geloof me; het eiland stelt je zeker niet teleur!

    Begin december 2018 ben ik naar Holbox gevlogen met als doel om mijn Spaans te verbeteren én om te helpen in een hondenopvang. Dè beste beslissing ooit! Floris kwam met kerstmis deze kant op, om samen onze verdere reis te starten. Met het gevolg dat ook hij hier stiekem niet meer weg wilde… Toch heb ik naast dit palmbomen paradijs ook gereisd door de provincies Yucatan, Quintana Roo en Campeche. Deze tips volgen later! Maar first things first: wat te doen op Isla Holbox?


    PRAKTISCHE TIPS

    • Je bereikt Holbox met de veerboot vanuit het kleine dorpje Chiquala. De boten vertrekken om het half uur (om heel en om half) en doen er slechts 20 minuten over. Een ticket kost 150 pesos (rond de 6 euro) en kun je lastminute bij het loket in de haven kopen. Ik kwam er steeds vijf minuten voor vertrek aan en was nog ruim op tijd! De ADO bus (vanuit welke stad dan ook) stopt precies voor de haven. Kom je met een huurauto zoals wij? Dan kun je deze voor 100 pesos per dag beveiligd parkeren op een van de parkeerplaatsen in Chiquala.
    • Neem genoeg cash geld mee naar Isla Holbox! Er is namelijk maar één pinautomaat op het hele eiland (boven het politiebureau op het grote plein) en deze is vaak òf leeg òf buiten gebruik. Ook is de exchange rate ongunstiger dan op het vasteland. TIP: betaal altijd in pesos, dat is namelijk goedkoper dan in dollars.
    • Het eiland is klein en oogt daardoor heel knus en al snel overzichtelijk, ondanks dat de meeste straten niet eens straatnamen hebben. Het maakt dus eigenlijk weinig uit waar je verblijft. Het centrum en het strand zijn vrijwel altijd lopend te bereiken. Of je huurt een fiets of een golfkarretje! Ook rijden er overal taxi’s rond. Op Holbox rijden btw weinig echte auto’s, dus ook de golfkarretjes fungeren als taxi! Ik raad je trouwens aan om juist buiten het centrum te verblijven, zodat je rustig kunt slapen. In ieder geval ver weg van de Hot Corner. Anders doe je geen oog dicht, zeven dagen per week. En ik praat (helaas) uit eigen ervaring ;-). De muziek staat overal (en vooral in de Hot Corner) namelijk onwijs hard. In totaal heb ik op vijf verschillende plekken overnacht, overal verspreid op het eiland. Aan de rechterkant van het eiland liggen de mooiste (en duurste!) resorts. Maar je hebt ook genoeg leuke betaalbare hostels (waaronder de populaire Tribu en Che Hostel), hotels en airbnb’s.
    • Vijftien jaar geleden waren er slechts drie hotels op Holbox. Tegenwoordig is er ontzettend veel keuze en gebouwd. (Ik houd mijn hart vast voor de volgende tien jaar…) Toch raad ik je aan om vooraf je overnachting te boeken, aangezien het eiland steeds populairder wordt en daardoor de betaalbare hotels er als eerste uitgaan.

    Cetrum Holbox


    ACTIVITEITEN

    • Uiteraard begin ik met mijn meest (letterlijk!) dierbare plek op het eiland: Refugio Holbox. Hier worden ruim 30 honden, tientallen katten en soms wasbeertjes opgevangen en liefdevol verzorgd. Breng overdag een bezoekje aan de Refugio en voel je vrij om gewoon binnen te lopen; iedere hulp is hier namelijk welkom! Je kunt aan Moreila de eigenaresse of aan een van de vrijwilligers vragen waarmee je op dat moment kunt helpen. Misschien kun je een uurtje helpen schoonmaken, een van de honden wassen of een aantal honden uitlaten. Het is toch heerlijk om een strandwandeling te maken met een van deze lieve honden?! Als je er op let zie je op Holbox ook dagelijks verschillende toeristen met honden lopen, meestal komen deze dieren uit de Refugio. De honden en katten kunnen allemaal geadopteerd worden. Er zitten veel schattige puppy’s en kittens tussen (ik had ze het liefst allemaal mee naar huis genomen), maar ook ondervoede of verlamde honden. Ontzettend zielig.. Deze honden zijn meestal aangereden op het vasteland of verwaarloosd en krijgen in de Refugio de beste zorg in de bijbehorende kliniek. Vergeet dus ook niet om wat geld te doneren (kan ter plekke in het groene kartonnen huisje), want de overheid betaalt niets aan de zorg voor deze dieren en de medicijnen/operaties zijn erg duur.
    • Maak een lange strandwandeling naar Punto Coco (linkerkant van het eiland) en eindig in een van de hangmatten van het chille (mijn favo!) strandtentje. Vanuit hier kun je ook lopend door het water naar Isla Pasiòn. TIP: Bij vloed moet je een stuk door het water lopen, dus een drybag is wel zo handig.
    • Of loop naar de andere kant van het eiland: Punto Mosquito. Dit is een langere wandeling, met een nog mooiere route/omgeving! Maar helaas zonder een strandtentje op het eindpunt. Zodra je bij de vuurtoren bent schijn je Punto Mosquito te hebben bereikt, maar deze heb ik nooit gehaald. Ik ben na ruim 2 uur lopen omgedraaid, maar ook dan is het een prachtige strandwandeling. Ook hier loop je voornamelijk door de zee.
    • Huur een golfkarretje (of fiets!) en verken zo het eiland! Je kunt ook rijdend naar Punto Coco en daar vervolgens chillen op het strand.
    • Kitesurfen! Isla Holbox staat bekend om het kitesurfen. Floris en ik hebben een driedaagse cursus (heb je wel echt nodig als beginner) gevolgd en zijn echt fan geworden! Ik bak er nog steeds niets van, maar het is zó gaaf om te leren! Je hebt twee verschillende kitesurfscholen op het eiland. Wij hebben les genomen bij Kukulkite (zit tegenover Tribu hostel) en kregen super leuke les – én in het Nederlands – van Eva. Al het kitesurfen vindt plaats bij Nubes beach, achter het hotel Nubes. Je loopt hier ook langs als je naar Punto Musquito gaat.
    • Yoga! Je hebt verschillende yogaklasjes op het eiland. Mijn favoriet zijn de lesjes bij Amaite Hotel, met een prachtig zeezicht. De Colombiaanse Laura geeft hier in het Engels les. (Van ma tot za om 9am en 5pm voor 200 pesos per les.)
    • Bootcamp! Leuke Australische gast geeft midden op het plein in het centrum dagelijks een bootcamptraining, voor iedereen die mee wilt doen. Iedereen wordt bij zijn stad/land van afkomst genoemd, dus zo sta je ineens squats te doen met New York, Caïro, Paris, Hamburg en Poland. (Van ma tot za om 7am en 7pm, je kunt met de teacher een bepaald bedrag afspreken voor de aantal lessen die je wilt meepikken.)
    • Iedere dag (ja echt!) de zonsondergang bekijken op het strand. Je hebt de mooiste zonsondergang op Holbox… wauw! Iedereen verzamelt op de pier òf op het verticale stukje strand links van het eiland (je ziet deze spot vanzelf).
    • Mijn favoriete moment van de dag is altijd tussen 15:00 en 19:00 uur op het strand. Bij strandbar Raices is de chillste sfeer en rond die tijd een leuke Mexicaanse liveband. Hier zit je gezellig op plastic stoeltjes of lig je in een van de hangmatten. Mawibi is een wat luxere beachbar (en hotel) en ligt er praktisch naast.
    • Chillen in een van de vele hangmaten in zee!
    • Naar mijn mening lig je het lekkerst op het strand aan de rechterkant van het eiland, dus voor òf op een van de (betaalde) bedjes van de vele resorts/hotels, zoals Mawibi. Maar Holbox Dream is ook zeker een aanrader! Hier is een leuke sfeer en mag je gratis gebruikmaken van een strandbedje, als je bij het restaurant gedurende de dag eten/drinken voor 150 pesos besteld.
    • Over eten gesproken: de empenada’s die de verschillende jongens op het strand verkopen zijn echt HEERLIJK! Ze zijn ook een begrip op het eiland en een van deze gasten heeft zelfs zijn eigen muurpainting voor hun eigen kraampje op het eiland.
    • Alle Mexicanen lijken gek te zijn op marquesita’s (soort krokante pannenkoek die zij besmeren met Nutella en kaas). Zeker eens proberen! Deze worden verkocht in de verschillende kraampjes rondom het plein.
    • Salsales op zaterdagavond in het Tribu Hostel.
    • De streetart bewonderen. Overal zie je de mooiste muurschilderingen in het dorp!
    • Van juni t/m oktober kun je zwemmen met walvishaaien.
    • Dan nog even een tip met wat je naar mijn mening vooral niet moet doen: de Three Islandtour. Overal op het eiland wordt de ’drie-eilanden-tour’ aangeboden, maar ik vond er niet veel aan. De eilandjes zijn een stuk minder mooi dan de verlaten plekjes op Holbox en op het vasteland van Mexico vindt je veel mooiere cenotes dan de Yalahau cenote die je tijdens deze tour gaat bezoeken. Wil je de tour toch graag doen? Dan raad ik je aan om een gids bij je excursie te boeken, zodat hij/zij je wat extra inside informatie kan geven over de verschillende spots. Of ga met een leuke groep en organiseer zelf je eigen (privé) tour.

      Refugio Holbox

      Streetart Holbox

    ONTBIJT

    Painapol – Instawaardige tuin met een healthy menukaart. Vooral de smoothiebowls zijn een aanrader! (Op maandag gesloten en het is trouwens ook een leuke lunchplek.)
    La Tortilleria – lekker ontbijt aan het grote plein middenin het centrum. (En goede WiFi; dat is een uitzondering op dit eiland.)
    Spirit Holbox – dit is de allermooiste en verstopte lunchspot! Een rooftop restaurant (en hotel) aan zee met een zwembadje, waar je na het eten gratis op een van de bedjes kunt chillen. TIP: Je krijgt hier ook sushi! (Alma is ook een chille rooftopstrandbar mèt zwembadje aan zee en ligt aan de andere kant van het strand.)
    Le Jardin – mooie binnentuin met een Frans ontbijt. (Voor 250 pesos een ontbijtbuffet.)
    Taceito – heerlijke koffie en lekkere croissants.

    RESTAURANTS

    L U U MA
    – mi favorito! Hele gezellige binnentuin met onwijs lekker eten! Hier liggen ook twee hippe winkeltjes in het restaurant. (De wijn is hier btw ook erg lekker!)
    Mandarina – súper romantisch dineren aan het strand. (Van dezelfde eigenaar als LUUMA en dus net zo’n goede keuken en sfeer!)
    Roots – lekkere pizza’s (mijn favoriet is de pizza geitenkaas!) in een gezellige binnentuin.
    Taco Tequeto – gezellig druk en (betaalbare) Mexicaanse gerechten. TIP: ze schenken geen alcohol, dus je biertjes haal je bij het supermarktje op de hoek.
    Naay – hippe saladebar.
    Básico – hip restaurant, maar iets prijziger. Hier eet je overdekt in een soort binnentuin. (Vooral de pulpo is een aanrader!)
    Streetmarket – rondom het plein zijn verschillende kraampjes met Mexicaanse gerechten en hamburgers. Eten tussen de locals én goedkoop.

    Restaurant L U U M A

    UITGAAN

    De meeste barretjes en strandtenten hebben ’s avonds (Mexicaanse) live muziek, waardoor het vrijwel overal gezellig is! Wat later op de avond is het (iedere avond én vooral in het weekend) vanaf 21:00 uur druk bij de Hot Corner. Nou, eigenlijk: voor de Hot Corner. Iedereen haalt zijn biertje namelijk bij het supermarktje aan de overkant en borrelt hier op straat. Wil je daarna nog door? Dan is het een paar meter verderop bij Salma leuk, een (kleine) club aan het strand. Hier is het meestal pas na 01:00 uur druk en er wordt voornamelijk housemuziek gedraaid. Mits je de DJ zover krijgt om Spaanstalige hitjes te draaien, zoals ondergetekende ;-). Daarna kun je eventueel doorrollen naar Kareioke, een andere club op het strand. (Niet te verwarren met ’karaoke’, maar no worries! Ook een karaokebar is er op het eiland te vinden, vlakbij het centrale plein.)

    Sunset bij beachbar Raices

  • Nieuw-Zeeland

    Nieuw-Zeeland

    Nieuw-Zeeland

    Houd je van natuur? Het maken van prachtige hikes, kamperen, slapen onder een sterrenhemel, iedere avond bbqen? En oh, ja van zwemmen met wilde dolfijnen? (Ik zou trouwens niet weten wie nu “nee” zegt…) Stop dan met verder zoeken! Want dan is Nieuw-Zeeland de ideale bestemming voor jou! Aangezien het zo absurd ver vliegen is (bijna 24 uur vanaf Amsterdam), raad ik je aan om minimaal 4 weken te verblijven. En niet om de minste plaats omdat je ook het liefst het héle land wilt verkennen. Of je combineert je reis naar Nieuw-Zeeland met een andere bestemming halverwege; zodat je deze ellenlange vlucht kunt breken. Zo zijn wij vanuit Los Angeles naar NZ gevlogen en terug met een “tussenstop” op de Filipijnen. Maar goed; dan heb je natuurlijk wel alle tijd nodig.

    Anyway; Floris en ik hebben in begin 2019 vijf weken door Nieuw-Zeeland gereisd. Hieronder heb ik onze reisroute (die ik zo weer zou doen!) voor je uitgestippeld. 

    Reisroute Noordereiland
    Reisroute Zuidereiland

    Ga je iets korter en bijvoorbeeld een maand? Dan zou ik het noorden van het Noordereiland (dus alles boven Auckland) skippen én het zuidelijke gedeelte van het Zuidereiland (alles onder Queenstown). Ook zou ik Franz Josef overslaan, als je de helikoptervlucht in Mount Cook gaat doen. 

    Oh ja, een extra tip: na jouw reis door Nieuw-Zeeland ben je eigenlijk voorgoed verpest. En hoef je in principe nooit meer op vakantie. Want geen natuurgebied, uitzichtpunt of hike kan ooit nog tippen aan deze prachtige bestemming. Wauw. Ik wist niet dat de wereld zó mooi kon zijn. Zelfs Google Afbeeldingen en menig Instagramfilter kan hier niet tegen op. Ik heb je dus gewaarschuwd!

    Uitzicht vanaf Roys Peak – Wanaka (Zuidereiland)

    FEITJES:

    • Er wonen nog geen 5 miljoen mensen in Nieuw-Zeeland. Behalve in de steden of tijdens populaire hike routes kom je dus weinig mensen tegen. 
    • De spreektaal is Engels, maar ook Maori. Zo heet ook het eerst bewoonde volk van Nieuw-Zeeland. Je kent ze vast wel van de wereldberoemde Haka dans! Maar deze cultuur heeft meer te bieden dan alleen deze dans en is super interessant om hier tijdens je reis meer over te lezen.
    • Nieuw-Zeeland is het meest veilige land ter wereld. (Mits je voor een perfecte selfie op een of andere cliff gaat staan.) Maar je hebt hier bijvoorbeeld geen roofdieren, het politieke klimaat is stabiel en geweldsmisdrijven komen relatief weinig voor. Ook tijdens georganiseerde excursies is het motto altijd ‘safety first’.
    • Bij een reis door NZ hoort natuurlijk een camper. Wij hebben een maand met een camper gereisd en de laatste week met een huurauto. Beiden heeft z’n voordelen, maar een campertje maakt het avontuur echt compleet. Een must is de app ‘campermate’. Hierop kun je gemakkelijk een fijne camping in de buurt opzoeken en zie je meteen of er plek is en hoeveel het kost.
    • Wij hadden een volkswagenbusje met een tent op het dak. Ik vind dit de beste uitvinding ever! Beneden in de camper heb je al je spullen, in de achterbak een eigen keukentje en je beddengoed ligt gewoon altijd (ook tijdens het rijden) boven op het dak. (Hygiënischer wordt kamperen niet!) Ook heb je altijd een prachtig uitzicht als je ’s ochtends bovenop je auto wakker wordt, aangezien je altijd ergens middenin de natuur slaapt. Wel betekent dit dat je ’s nachts een stukje moet wandelen als je moet plassen én in het donker een trapje af moet. Maar goed; kamperen blijft natuurlijk altijd kramperen 😉 Wij hadden ons camperbusje gehuurd bij Classic Campers in de buurt van Auckland. Bevan is hier de eigenaar van en is een onwijs aardige man die je altijd kunt bereiken voor hulp of tips. (Ik vond het ook weer een pluspunt om een local te helpen aan inkomsten, in plaats van een van de grote commerciële verhuurbedrijven.)
    • Als je een selfcontained camper hebt, mag je in principe overal overnachten. Wij hebben stiekem ook af en toe met onze camper ergens in the middle of nowhere gekampeerd, en zijn nooit gecontroleerd. Maar je weet maar nooit!
    • De seizoenen zijn precies het tegenovergestelde van ons land. Zo zijn hier juist januari en februari de warmste maanden. Wij hebben in deze maanden onze reis gemaakt en in totaal slechts 1 middagje regen gehad. De andere dagen een strakblauwe lucht! Los van het feit dat je op vakantie je allesbehalve druk wil maken om het weer, is een heldere lucht ook het mooiste tijdens wandelingen in de natuur en zorgt het voor het mooiste uitzicht. Klein minpuntje van reizen in hartje zomer is dat de prijzen overal op z’n duurst zijn. 
    • Nieuw-Zeeland is duur! In principe zijn de prijzen van restaurants, overnachtingen en winkels vergelijkbaar met Amsterdam. Maar de excursies zijn helaas nòg duurder. Dus bereid je voor. Dan kan het alleen maar meevallen.
    • Kleine budgettip is om lekker vaak zelf te kokkerellen, dat scheelt weer in budget en is stiekem veel gezelliger. Koop bij aankomst meteen een eigen bbq! En check uiteraard even wat voor keukengerei er allemaal in je camper zit.
    • Het Zuidereiland is nòg mooier dan het Noordereiland. Ik raad dus aan om in het Noorden te beginnen en als je niet ruim de tijd hebt, langer in het Zuidereiland te verblijven.
    • Laat die hakken of dat rode bloemenjurkje maar thuis. Dat heeft zelfs ondergetekende gedaan. Want door het sportieve buitenleven – waar vrijwel iedereen het land voor bezoekt – loopt ook iedereen in de steden er als een wandelende advertentie van de Bever Sport bij.
    • Hier horen uiteraard ook goede schoenen bij. Aangezien je waarschijnlijk onwijs veel gaat wandelen – op de meeste plekken kun je zelfs niet anders – raad ik aan om echt stevige hikeschoenen mee te nemen. Charmant is anders. Maar krom lopen door de blaren op je voeten is ook allesbehalve sexy ;-). En speciale wandelsokken (die bestaan dus echt) raad ik ook absoluut aan, als je net zoals ik geen ervaren hiker bent.
    • Laagjes is the keyword! Aangezien je door het vele hoogteverschil tijdens één hike zo maar in verschillende temperaturen terechtkomt, is het slim om altijd verschillende laagjes aan te hebben. Dan kun je super gemakkelijk iets aan- of uittrekken.
    • Nog een laatste tip! Boek af en toe – vooral na een lange hike – een lekker hotel. Vooral in de steden raad ik het aan om in een hotel te verblijven. Naast een lekker groot bed en warme goede douche, kun je ook meteen even wat kleding wassen. Zoek dan van tevoren even op waar je (buiten het centrum) goedkoop je camper kunt parkeren.
    Onderweg rijd je langs dit soort prachtige uitzichten – Zuidereiland
    Koffiepauze onderweg met onze camper

    IDEALE REISROUTE DOOR NIEUW-ZEELAND

    NOORDEREILAND

    Auckland

    Onwijs leuke stad met veel studenten! Waarschijnlijk is dit ook jouw aankomstpunt en kennismaking met NZ. Wij hebben hier twee dagen in een hotel verbleven en heerlijk door de stad gelopen. De wijk Pontsonby is het leukst om te verblijven. Hier heb je op de Pontsonby Rd verschillende leuke koffietentjes, winkeltjes en restaurants. In de buurt van Auckland hebben wij onze camper opgehaald en ging het grote avontuur beginnen.

    Bay of Islands

    Vanuit Auckland zijn we naar Bay of Islands gereden. De route ernaartoe is prachtig; we waanden ons meteen op de filmset van Lord of the Rings, maar in principe heb je dat vrijwel tijdens iedere route! Wij verbleven hier in het dorpje Pahia op een rustige kleine camping aan de kust. We hebben vanuit hier een zeiltrip naar het toeristische dorpje Russel gemaakt. De kans om walvissen te spotten is hier groot!

    Bay of Islands

    Karikari Peninsula

    Onze meest bijzondere kampeerervaring was hier! Ergens in the middle of nowhere pal aan zee. Gelukkiger krijg je mij niet…. Omdat we een paar weken hiervoor in Mexico een aantal kitelessen hadden gevolgd, wilden wij dat in Nieuw-Zeeland graag doorzetten! Vandaar dat wij naar Karikari Peninsula zijn gegaan. Wil je toevallig ook gaan kiten? Airzone Kitesurf School is hier de populairste kiteschool met een leuke sfeer. Ook kun je vanuit deze plek gemakkelijk naar 90 Mile Beach. Dit is – zoals de naam al doet vermoeden – het langste strand van Nieuw-Zeeland. Het schijnt niet het mooiste strand te zijn, maar het is wel een gave ervaring om er met je auto overheen te rijden!

    Rotorua

    Rotorua staat bekent om de spuitende geisers, stomende warmwaterbronnen en exploderende modderpoelen. Door de zwavellucht stinkt deze stad nogal. Ik raad aan om hier maar kort te verblijven. Wij hebben hier een van deze geothermische parken bezocht en wat rondgelopen. Na twee dagen heb je het hier wel gezien!

    Whakarewarewa – Rotorua

    Taupo

    Het grootste meer van Nieuw Zeeland is Lake Taupo. Op en rondom dit meer kun je vanalles doen! Wij hebben hier een mountainbike gehuurd en een gave tocht gemaakt. In Taupo zijn we twee nachten gebleven.

    Taumarunui Tongariro

    Het Tongariro National Park is naar mijn mening het mooiste park van Nieuw-Zeeland! Dit park behoort ook tot de top van bezienswaardigheden van dit land en overal waar je in dit park kijkt zie je in de verste verte alleen maar natuur! De bekendste hike in dit park (die je vast en zeker gaat doen) is de Alpine Crossing, langs de Mount Doom uit de film Lord of the Rings. De Tongariro Alpine Crossing is een tocht van bijna 19,4 km en écht de moeite waard! De schoonheid van de route houdt je letterlijk op de been, alleen aan de laatste 3 km lijkt geen einde te komen… Mark my words ;-).

    TIP: Neem voldoende water en eten (broodjes, muesli repen etc) mee in een rugzak.

    TIP 2: Ook hier geldt: laagjes! Boven op de berg ben je blij met je thermoshirt en windjack, terwijl je tussendoor in je hemdje loopt.

    TIP 3: Aangezien je vrij vroeg wilt vertrekken (wij zijn om 8 uur ’s ochtends gestart en dat was prima), raad ik aan om hier in de buurt ergens te logeren. Na afloop van de hike zijn wij meteen doorgereden naar Wellington. Dat is even buffelen… Maar scheelt weer tijd tijdens je trip!

    TIP 4: Het kan zijn dat er op Internet geadviseerd wordt om de tocht niet te maken ivm slecht weer; dit was bij ons het geval. Er zou die dag namelijk ‘te veel wind staan op de top van de berg’. Maar wij zijn toch gegaan – living on the edge – en het was FANTASTISCH weer! En daardoor gelukkig ook iets minder druk tijdens de hike. Dus volg vooral je eigen gevoel en ga zelf even op onderzoek uit.

    Mount Doom – Tongariro
    Tongariro Alpine Crossing
    Tongariro Alpine Crossing
    Tongariro Alpine Crossing

    Wellington

    Dit is de hoofdstad van Nieuw-Zeeland. En heeft mij aangenaam verrast! Windy Wellington (het waait hier nogal hard en veel!) heeft een bruisend centrum. Je kunt hier onder andere de toeristische rode tram (die vertrekt vanuit de grote winkelstraat) naar boven nemen; hier heb je een prachtig uitzicht over de stad. Via het Queen Elizabeth Park kun je weer terug naar beneden lopen. Een andere leuke tip is om hier het Te Papa Museum te bezoeken; het is gratis, heeft verschillende tentoonstellingen en ligt op een mooie plek aan het water. Na twee volle dagen in Wellington te hebben gehad, hebben wij op dag 3 de boot naar het zuidereiland genomen (inclusief de camper). De boot komt aan in de kleine stad Picton. Op naar een nieuw avontuur!

    Uitzichtpunt Mount Victoria – Wellington

    ZUIDEREILAND

    Blenheim

    Hier waanden wij ons helemaal terug in Zuid-Afrika! In Blenheim hebben wij op een van de meest knusse campings overnacht. Nou ja, camping? Dit was in principe in de tuin van een boer, pal naast de wijnvelden! Hopelijk vind je deze spot ook op de app Campermate in het dorpje Blenheim. Huur hier een fiets en ga langs de verschillende wijnhuizen voor een (gratis) wijnproeverij!

    Wijntour – Blenheim

    Abeltasman National Park

    Hier kwam ik he-le-maal tot rust! Het Abeltasman park is echt adembenemend mooi. Wij stonden hier maar liefst vijf dagen op de Totaranui Campground. Dit is een van de weinige campings waar je alleen met een camper mag komen en verplicht minimaal drie nachten moet verblijven. De camping ligt aan het strand en vanuit hier kun je verschillende mooie hikes in het Abeltasman Park maken. 

    TIP: Neem voldoende eten/drinken mee! Er is namelijk geen supermarkt. En het dichtstbijzijnde dorp is zeker 45 minuten rijden.

    Abeltasman National Park
    Het avondeten wordt gevangen 😉 – Abeltasman National Park
    Abeltasman National Park

    Franz Josef Glacier

    In Frans Josef waan je je op wintersport, maar dan in de zomer. De Robert’s Point Track is hier een hike van ongeveer 5 uur die zeker de moeite waard is! Ook kun je hier een gave helikoptertocht naar de top van de Franz Josef Gletsjer maken. Wij hebben deze tocht in Mount Cook gemaakt, komt in principe op hetzelfde neer; alleen is Mount Cook een stuk minder toeristisch en naar mijn mening dus leuker. (Deze plek volgt iets later op de route.)

    Queenstown

    De leukste stad van heel NZ! Als Queenstown in Europa lag, maakte ik het liefst iedere maand een citytrip naar deze stad. Het begint al met de tocht ernaartoe, de route is echt prachtig met het uitzicht op de stad in de verte! In het centrum kun je heerlijk eten, lekker borrelen, de markt bezoeken, suppen op het water én uiteraard gewoon heerlijk aan het water op het stadstrand chillen. Tijdens zonsondergang heerst er een onwijs leuke (borrel)sfeer op het strand. Een andere leuke must-do hier is een fiets huren en fietsen naar het piepkleine dorpje Arrowtown. (Dit dorpje is net een ansichtkaart. Heel knus!) Vanuit hier kun je met de bus weer terug naar Queenstown, je fiets kan door de buschauffeur voorop de bus worden geplaatst.

    Autoroute naar Queenstown
    Queenstown
    Lunchplek onderweg – Omgeving Queenstown

    Te Anau (Doubtful Sound)

    In Te Anau hebben wij maar 1 nachtje verbleven, omdat we hier een kanotocht hadden geboekt in Doubtful sound. Zeker een aanrader! Helaas moet dit allemaal georganiseerd en kun je niet zelf dit gebied in je kanootje ontdekken. Er worden ook verschillende boottochten aangeboden, maar in een kano is het veel gaver om vanuit het water deze hoge rotsen om je heen te ervaren dan vanuit zo’n massale boot.

    Doubtful Sound

    Queenstown

    Omdat het dus zo’n geweldige stad is, zijn wij weer een nachtje teruggegaan naar Queenstown!

    Wanaka (Royspeak)

    Wanaka… Weer zo’n onwijs leuk stadje aan het water! Ook Wanaka heeft mij aangenaam verrast. Vanuit hier kun je de allermooiste hike maken: de Roys Peak wandeling. Stiekem vond ik deze wandeling nòg mooier dan het bekende Tongariro op het Noordereiland. Op de berg Roys Peak heb je ook het bekendste uitzichtpunt van NZ. (Je ziet de hikers vanzelf in de rij staan voor hun Instapost ;-)).

    Roys Peak Track
    Roys Peak Track
    Roys Peak Track

    Mount Cook 

    Wij hebben een heli-hike gemaakt naar Mount Cook! Ik weet dat het onwijs duur is, maar ik hoop dat dat niet de reden zal zijn waarom je ‘m toch niet gaat doen. Want het is echt ieder bedrag meer dan waard! En zeg nou zelf: de kans dat je een ritje in een heli gaat maken heb je niet dagelijks. Daarnaast is de kans om een gletsjer te bezoeken (helaas waarschijnlijk) in de toekomst niet meer mogelijk. Na het ritje met de heli ga je met speciale ijsschoenen en een gids een stukje over de gletsjer lopen. Wij hadden een leuke enthousiaste gids die zelfs in dit dorp, onderaan de gletsjer, geboren is. Dit was een van de meest bijzondere ervaringen ever!

    Bovenop de gletsjer – Mount Cook

    Akaroa

    Tijd voor wat romantiek! Hier in de buurt hebben wij twee nachten overnacht in het Onuku Farm Hostel in een van de hutjes met een glazen plafond, speciaal om de sterren te kunnen bekijken. Vanuit deze plek gaan ook verschillende hikes langs de zee: ook een aanrader! En last but not least kun je een boottripje boeken met de eigenaar van het hostel himself! Tijdens deze trip neemt deze fantastische man je mee de zee op, op zoek naar wilde dolfijnen. Zodra de dolfijnen gespot zijn; mag je meteen het water in jumpen! Hoe gaaf is dat! Akaroa is een klein schattig Frans dorpje met een klein stadsstrand en lekkere restaurants.

    Onze stargazing hut! – Onuku Farm Hostel
    Wandelroute vanuit Onuku Farm Hostel – Omgeving Akaroa

    Christchurch

    Christchurch is de grootste stad van het Zuidereiland. De stad werd hard getroffen door de aardbevingen in 2010 en 2011, je ziet dat de stad en haar inwoners hier nog steeds van aan het herstellen zijn. Veel gebouwen zijn nog steeds niet gerenoveerd. Daarnaast is er in 2019 (vlak nadat wij terug waren in Nederland) een terroristische aanslag gepleegd, waarbij 51 doden vielen. Ik kan me voorstellen dat ook deze klap nog lang voelbaar is in de stad. New Regent St is de leukste straat van Christchurch; dit ziet er heel idyllisch uit en er liggen verschillende goede restaurants. Oxford Terrace is een andere leuke plek met verschillende borreltenten. TIP: Huur een elektrische step in Christchurch en verken zo de stad!
    De meeste mensen eindigen hun reis in Christchurch of vliegen via een binnenlandse vlucht terug naar Auckland en eindigen op het beginpunt hun reis. Wij eindigden deze droomreis in Christchurch en vlogen vanuit hier naar de laatste bestemming van onze wereldreis: de Filipijnen.

  • Filipijnen

    Filipijnen

    Vergeet Thailand (veel te toeristisch) en Bali (alleen maar Nederlanders). Filipijnen it is! In de Nederlandse winter heb ik samen met Floris drie weken de Filipijnen ontdekt en ik vroeg me meteen af: waarom heb ik dit prachtige land niet eerder ontdekt? 

    Omdat de Filipijnen nog niet massaal door het massatoerisme – met uitzonder van Boracay! – bezocht wordt, zijn er nog talloze hagelwitte privéstrandjes en is de bevolking onwijs gastvrij en aardig. Door het populaire televisieprogramma Expeditie Robinson (Survivor is de Amerikaanse naam), steeg het aantal toeristen in dit land namelijk pas vanaf het jaar 2000. En er zijn nog steeds duizenden onontdekte prachtige plekjes.

    Ga je ongeveer drie weken naar de Filipijnen? Dan raad ik je zeker aan om dezelfde route te volgen! Uiteraard geldt voor een retourtje naar de zon altijd ‘hoe langer hoe beter’, maar ik vond drie weken perfect. Aangezien deze archipel uit maar liefst 7641 eilanden bestaat, kun je ontelbaar verschillende routes uitstippelen. Ik zou dus vooral kijken naar de weersvoorspellingen in jouw vakantieperiode en jouw reis daarop aanpassen. Maar wat je in ieder geval sowieso moet doen is de El Nido naar Coron (of andersom) meerdaagse bootexcursie! Heaven! Ik heb al eerder een soortgelijke boottocht gemaakt van Colombia naar Panama, maar deze reis overtrof echt alles. Een geweldig unieke ervaring die je absoluut niet wilt missen, die je vakantie onvergetelijk maakt en die ik hierbeneden voor je heb uitgeschreven.

    Hieronder mijn uitgestippelde reis. Magsaya! Enjoy!


    MANILLA

    Vanuit Christchurch zijn wij naar Manilla, de hoofdstad van de Filipijnen, gevlogen. Wij eindigden namelijk onze wereldreis met 3 weken paradijselijk eilandhoppen. Waarschijnlijk zul jij gewoon vanaf Amsterdam vliegen en een iets minder grote cultuurshock hebben dan wij. Manilla is namelijk een onwijs grote stad met ruim 1,7 miljoen inwoners en in heel Nieuw-Zeeland wonen er nog geen 5 miljoen. Dat bedoel ik dus: chaos. Ik zou niet te lang in Manilla blijven, je kunt er zelfs voor kiezen om meteen door te vliegen naar een van de eilandjes. Maar toch raad ik aan om hier één nachtje te verblijven. Het is immers de hoofdstad en je kunt even bijkomen van je lange vlucht door een lekkere SPA te bezoeken of een bezoekje te brengen aan een van de vele shoppingmalls.

    TIP: Boek een Boutique hotel in Intramuros (de mooiste Spaanse wijk) of in Makati (hier kun je het beste shoppen!). Een Boutique hotel maakt je verblijf in deze rauwe chaotische stad iets knusser. 

    TIP: Helaas kent de Filipijnen ook ontzettend veel armoede. Wil je toch een van de arme wijken in Manilla bezoeken? Boek dan een tour via Smokey Tours in de wijk Baseco. Smokey Tours zorgt er namelijk voor dat het geld dat je voor deze tour betaalt, ook echt naar de mensen in de wijk gaat.

    CORON TOWN

    Via een kleine binnenlandse vlucht vanuit Manilla (let op: dit was vanuit een ander vliegveld dan de Internationale luchthaven) zijn wij naar Coron gevlogen. Coron Town is de grootste badplaats van Busuanga Island en onwijs toeristisch. Maar zeker niet ongezellig! Naast lekker eten, borrelen en met een scooter het eiland verkennen, kun je vanuit hier ook een uitstapje maken naar Coron Island om te zwemmen en snorkelen.

    Maar de voornaamste reden waarom hier toeristen rondlopen is omdat zij allemaal (ja echt iedereen!) de meerdaagse boottour naar El Nido hebben gemaakt of gaan doen. Als ik de tocht weer zou gaan doen, zou ik ‘m weer in dezelfde volgorde gaan doen: Coron – El Nido. Aangezien ik het eiland Palawan, waar El Nido ligt veel mooier vind dan Buasanga. En het is een geweldige ervaring om je reis te starten met deze boottocht. (En je komt de rest van je reis op de meest onverwachte, maar reuze gezellige momenten, je bootmaatjes weer tegen! Hoe leuk is dat! Maar een goede reden om deze boottocht toch in de andere volgorde te doen én als vakantie-afsluiter, is je bruine kleurtje. Je wilt namelijk wel al wat zijn voorgebruind voordat je aan boord gaat, aangezien je tijdens deze boottocht 24/7 in de buitenlucht en op het water bent! Precies: alle ingrediënten om te verbranden dus. 

    BUHAY ISLA OF TAO EXPIERENCE? 

    Dan de hamvraag: welke boottocht en hoelang? Om het gemakkelijk te maken zou ik tussen deze twee maatschappijen kiezen. Beiden zijn betrouwbaar, veilig, mooi én gezellig! Ik heb de Buhay Isla tour gedaan, puur om de simpele reden dat de data het beste in ons reisschema pasten. Na wat onderzoek kom ik tot de conclusie dat TAO een grotere maatschappij is, dus massaler maar ook iets luxer. Hoewel ik een luxe poes ben, zou ik toch weer voor Buhay Isla gaan! Gegarandeerd gezelligheid (karaoke en heel veel rum-cola!) en sowieso Nederlanders aan boord. Waarschijnlijk is het toeval dat de tenues van de crew oranje zijn, maar 90% van hun boekingen is dus Nederlands. Ook heeft deze crew mijn hart veroverd (mocht je reisleider Angelo aan boord hebben: doe hem de groeten van mij!).

    TIP: Ga 3 nachten en 4 dagen. Precies goed! Twee nachten is te kort en geloof me; na 4 dagen heb je wel weer behoefte aan een luxe douche, privacy en veel slaap.

    TIP: Boek op tijd. Zo vroeg mogelijk!

    TIP: Koop waterschoentjes en een net zo ‘charmant’ wetsuit-shirt met lange mouwen. Je wilt je voeten en armen namelijk echt niet openhalen aan het koraal. Je kunt dit voor een paar euro kopen in beide opstapplaatsen! 

    TIP: Neem ook een eigen waterfles/bidon mee! Ook deze kun je in beide opstapplaatsen kopen. De fles kun je gemakkelijk de hele dag door aan boord vullen en het is natuurlijk een stuk beter voor het milieu. Naast voldoende water is er ook ruim voldoende eten aanwezig. En wat voor eten! Terwijl de Filipijnen niet bekend staat om de lekkerste keuken (helaas moet ik dit beamen), is het eten tijdens deze boottour onwijs lekker en vers. Heerlijk!

    Groep Buhay Isla-tour
    Een van de slaapplekken tijdens de boottocht

    EL NIDO

    De meerdaagse boottocht eindigt in El Nido, dus het is handig om hier of in de buurt alvast een overnachting geboekt te hebben op jouw aankomstdatum. Maak er trouwens maar meerdere nachten van, want in deze omgeving is het heel chill! Wij verbleven in Corong Corong Beach, slechts op 10 minuten afstand scooteren vanaf de haven. Rondom de haven is het namelijk – naar mijn mening iets te – toeristisch en kun je bijna niet rustig over straat lopen. Corong Corong is upcoming met steeds meer hippe strandtentjes en restaurants. 

    TIP: Huur sowieso een scooter en ontdek de rest van de omgeving!

    RESTAURANTS:

    • La Lupa (heerlijke pizza’s! Dit restaurant ligt zowel in El Nido als in Corong Corong en is niet te missen aan de lange rij voor de deur.)
    • Trattoria (net zo’n lekkere Italiaan)
    • Panorama (hippe lounge beachbar in Corong Corong)
    • Sunsetbar (tijdens zonsondergang moet je hier zeker even naar binnen stappen. Dan is er een geweldige sfeer met een DJ!)

    OMGEVING:

    • Vanila Beach (mooi strand met leuke strandtenten!)
    • Lio (mooi lang strand met hippe strandtenten.)
    • NacPac (breed strand met o.a. de hippe strandtent Mad Monkey. Mad Monky is btw ook een hostel, waar je heerlijke pizza’s krijgt en ’s avonds vaak strandfeestjes zijn.)

    PORT BARTON

    Port Barton is een chille en rustiige badplaats in Palawan. Vanuit El Nido kun je hier met een mini-busje naartoe, deze reis kun je gemakkelijk pas een dag van tevoren boeken. Port Barton is praktisch slechts een lange straat, die parallel aan het strand ligt. Dit wijst zich vanzelf! Slenter lekker door het dorpje of boek een van de leuke tripjes naar de bijgelegen kleine eilandjes. Port Barton is onwijs upcoming. Toen wij er in de winter van 2019 waren, zag je dat er steeds meer nieuwe restaurants en barretjes geopend werden. Dus dit beloofd veel goeds!

    TIP: Drink een heerlijke verse koffie bij Milano Coffee. Dit Italaanse koffietentje is van een echte Italiaan – dus eindelijk goede koffie! – en ligt vlakbij het busstation.

    TIP: Verblijf in het dorpje Port Barton en niet in een van de resorts erbuiten. Wij verbleven namelijk in een hutje op het strand (heel mooi en romantisch!), maar daardoor waren wij afhankelijk van een boot om steeds in het dorp een hapje te gaan eten. En het dorpje is tè leuk, om ’s avonds niet gemakkelijk te kunnen bereiken.

    MODESSA ISLAND

    Na Port Barton hebben wij 3 nachten verbleven op een kleinschalig resort op een privé-eiland! Een hutje op het strand en in slechts 15 minuten loop je rondom dit bounty-eiland. Dit klinkt toch als een droom?! Wij zaten op Modessa Island en hebben hier niets anders gedaan dan: eten, drinken, snorkelen, duiken (voor slechts 15 euro!) en af en toe volleyballen. Relaxter wordt het niet! Wel even een kritische kanttekening: het resort op Modessa Island is nogal verouderd. Dus ik zou voor een soortgelijke bestemming gaan, maar dan op een andere plek. Dus boek niet Modessa Island, maar een ander kleinschalig resort op een privé-eiland.

    SIQUIJOR

    Ik vind niets leuker dan reistips verspreiden, want de napret is nòg leuker dan de voorpret.  Maar voor deze bestemming heb ik dus oprecht getwijfeld of ik het wel of niet moet delen. Want het magische eiland Siquijor is nog heel puur en onontdekt, en dat moet eigenlijk stiekem zo blijven… Er heerst namelijk een onwijs chille sfeer en de inwoners zijn nergens op de Filipijnen zo lief en gastvrij als hier! Voor mijn gevoel komt het land en de bevolking hier het meest tot z’n recht. 

    Het eiland Siquijor ligt bij de bekende eilanden Cebu en Bohol en is zowel per boot als per vliegtuig te bereiken. Bij twijfel: boek een vlucht naar Siquijor! Dit is al een hele activiteit op zichzelf. Wij vlogen vanuit Puerto Princesa – hier hoef je naar mijn mening btw niet lang te verblijven –  naar Cebu en vanuit daar met een mini-vliegtuigje naar Siquijor. Ik voelde me net multimiljardair in z’n privéjet 😉

    TIPS

    • Ook hier geldt weer: huur een scooter en ontdek het eiland.
    • Wij hebben zowel in het binnenland verbleven als aan de kust. Beiden een aanrader! Ik raad het wel aan om in de buurt van de stad Siquijor te zitten.
    • Bezoek de Cambugahay Falls. (Bereid je voor: je bent niet de enige! Maar het is onwijs gaaf om vanuit een van de touwen het water in te slingeren. Wij hebben ons hier een hele middag vermaakt.)
    • Paliton Beach: het leukste strand van Siquijor. Naast overdag heerlijk chillen en zwemmen, moet je hier ook zeker met een biertje uit een van de geïmproviseerde barretjes van de zonsondergang genieten.
    • Boek een tripje naar Apo Island! Hoewel ik normaal niet van de georganiseerde tripjes ben en liever zelf op onderzoek uitga, had ik het uitstapje naar Apo Island niet willen missen. Naast een uitgebreide lunch krijg je snorkel-apparatuur en een eigen lokale gids, die je al snorkelend naar de grootste (en kleinste!) schildpadden begeleid. Ik heb nog nooit tussen zo veel schildpadden gezwommen! 
    • U-Story: Onwijs hip restaurant aan de kust met heerlijk (luxe) eten en cocktails! Het is iets prijziger dan je op het eiland gewend bent, maar het is het zeker waard. Je kunt hier trouwens ook in een van de bungalows overnachten. #instawaardig
    • Ontbijten (inclusief de beste cappuccino van het eiland!) bij Dolce Amore.
    • Baha Bar (gezellige sfeer en lekkere cocktails)
    • Monkey Bussiness (hippe bar, lekker eten en goede sapjes. Vooral een aanrader als lunch.)
    • Republika Beach Bar (leuke sfeer!)
    • Siquijor wordt ook wel het eiland van de heksen genoemd. Je kunt diep in de bergen, o.a. in het dorpje Antonio, op zoek naar een lokale magiër. Wij durfden het uiteindelijk niet aan. Nou ja, we hadden na een wereldreis van drie maanden gewoon geen mentale of fysieke klachten ;-). Maar als je het aan durft kun je er zeker naar op zoek gaan!
    • Nog even een extra – zeker geen onbelangrijke – tip: pinnen is op dit eiland een drama. Er bevinden zich maar weinig pinautomaten op het eiland, onder andere in Siquijor Town en de stad Larena. Grote kans (vooral op zondag) dat deze beiden leeg zijn. Neem dus genoeg cash geld mee of pin wat extra als ze het doen.
    Met dit vliegtuig naar Siquijor gevlogen
    Paliton Beach
  • Medellín

    Medellín

    Lotte Boerrigter woont in de bruisende stad Meddelín, in Colombia. Speciaal voor de liefde (een blonde Nederlander) is Lotte geëmigreerd naar Zuid-Amerika. Met haar blonde haar is ze hier nog steeds een opvallende verschijning, maar ze voelt zich hier zeker thuis. Lotte woont in de hippe wijk El Poblado. Dè plek waar je in Meddelín absoluut wilt verblijven! En als je er toch bent, kun je meteen onderstaande tips even afvinken!

     


     

    • FAVORIETE RESTAURANT(S)?

    “De wijk El Poblado zit vol met leuke restaurants en elke keer als ik er rondloop zie ik wel weer een nieuw restaurant! Mijn favoriet is Botanica. Hier zit je letterlijk tussen de tropische planten en het eten is heerlijk. Ook het Peruaanse restaurant Rocoto is een aanrader, daar heb ik echt het allerlekkerste toetje ooit gehad. Als je een culinaire ervaring wilt dan moet je naar El Cielo; neem hier een 13-gangen menu met verschillende kleine gerechtjes geïnspireerd op de Colombiaanse keuken. Het is een hele beleving, zo bijzonder!”

    • FAVORIETE ONTBIJTTENT?

    “Al Alma in El Poblado! Vaak gaan we op zondag hier ontbijten, nadat we wat kilometers hebben hardgelopen tijdens de ciclovía. Je krijgt hier lekkere sapjes, zelf gebrande koffie en goed eten. Ik ga meestal voor de zoete ontbijtjes en bestel altijd wentelteefjes; French toast met aardbeien en banaan. Maar ook de egg benedicts zijn hier heel goed!”

    • FAVORIETE UITGAANSPLEK?

    “In El Poblado en Parque Lleras is het overal gezellig! Hier liggen zó veel verschillende barretjes en uitgaansplekken. Ik vind het altijd het leukst om de avond te starten bij Chupitos met een shotje en dansjes op reggeaton muziek. Ook Vintrash en Bolivar zijn leuk.”

    • FAVORIETE WIJK?

    “El Poblado is toch wel echt mijn favoriete wijk, misschien komt dat ook omdat ik er woon. Maar het zit vol met leuke en hippe restaurants, bars en leuke boetiekjes. Het voelt voor mij altijd als één groot park met allerlei tropische planten in deze wijk.”

    • FAVORIETE PLEK OM TE CHILLEN?

    “Café Velvet en Pergamino. Voor mij is koffie echt een ontspanning en ultiem genieten. Ik vind het heerlijk (en gezellig) om de dag te beginnen óf af te sluiten met een super lekkere kop koffie, cappuccino of chemex bij een van deze koffietentjes. Beiden serveren koffie van Colombiaanse bodem en hebben een leuke plek om te zitten!”

    • MUST SEE?

    “Comuna 13. Dit is een wijk die vijf à zes jaar geleden nog een van de gevaarlijkste wijken van het continent was. Maar Comuna 13 is nu veilig om te bezoeken. Mits je weet waar je loopt, want bepaalde wijken van deze barrio (het bestaat in totaal uit achttien wijken), worden nog steeds beheerd door gevaarlijke gangs. Dus zorg dat je vooraf weet waar je moet lopen (vlakbij de roltrappen) of ga met een gids op pad. Comuna 13 zit vol met gave graffiti/street-art, het heeft een prachtig uitzicht over de rest van de stad en het geeft je de kans om een kijkje te nemen in het echte leven van veel Colombianen.”

    • MUST DO?

    “Free Walking Tour Medellín én Paragliden van de bergen van Medellín, met een geweldig overzicht over de stad. De Free Walking Tour heeft zelfs de titel ‘één van de beste tours van het continent’, iedereen komt er enthousiast van terug. De stad heeft dan ook een ‘rijke’ en interessante geschiedenis. Daarnaast vind ik het leuk om ‘downtown’ te gaan. Tijdens de Free Walking Tour ga je namelijk het rauwe centrum in, om even de bubbel van het rijke, hippe en mooie El Poblado te verlaten.”

    • BEST BEWAARDE GEHEIM?

    “Hiken in en rondom Medellín! Hier is namelijk een prachtige natuur met veel bergen, waardoor het fantastisch is om te hiken. Mijn favoriet is de hike bij de rivier, waarbij je dwars door de jungle langs een rivier hiked en eindigt bij een ijskoude waterval. Tip: zorg dus wel dat het lekker weer is als je gaat. Als je hier met een taxi of uber naartoe gaat, zeg dan tegen de chauffeur dat je naar Arenal wilt, een rivier bij de plaats Envigado aan de zuidkant van Medellín, dichtbij La Catedral.”

    • WANNEER VOEL JE JE EEN ECHTE LOCAL?

    “Ik voel me een local als ik op m’n scooter rondscheur door het drukke verkeer in de stad. Links en rechts auto’s in halen en lekker gassen! Maar verder eigenlijk nooit, met mijn blonde haar. Ook spreek ik helaas nog geen vloeiend Spaans, dus ik ben overduidelijk geen local en zo word ik eigenlijk (nog) niet gezien of behandeld.”